In het kader van de minor Stedelijke beplanting zijn het eerste semester van het vierde jaar 8 studenten aan de slag gegaan met een realistisch project “Versterking van de dracht en biodiversiteit ten behoeve van de (wilde) bij”. De vraag om dit project te doen is gekomen vanuit imkervereniging ABTB te St. Isidorushoeve en imkervereniging De Heidebloem. Het dorp St. Isidorushoeve is gelegen nabij de plaats Haaksbergen in Twente. Het project is gestart naar aanleiding van het actuele probleem van de terugloop van de bijenpopulatie in Nederland. Bijen zijn van groot belang, omdat zij aan het begin van onze voedselketen staan en verantwoordelijk zijn voor de bestuiving van een groot deel van onze voedselgewassen. Het doel was het in kaart brengen van de kansen om deze bijenpopulatie weer toe te laten nemen in de omgeving van St. Isidorushoeve.
In ons concept hebben we in een breder perspectief naar de opdracht gekeken. Ons doel was niet alleen het versterken van de biodiversiteit, maar vooral ook om de bewustwording van dit belang bij de ‘mensen’ te benadrukken. De ingrepen die we daarbij doen, moeten tevens bijdragen aan de versterking van de karakteristiek van het Twentse landschap en de beleving ervan.
In de uitwerking is dit onder andere vertaald naar de ontwikkeling van zogenaamde ‘pronkstukken’, die op strategische plekken in het landschap kunnen worden ingepast. De pronkstukken benadrukken verschillende typerende Twentse landschapselementen, zoals de boomgaard, bomenrij, houtwal, landbouw en microreliëf waarbij de herkenning en beleving van deze landschapselementen door de bezoeker ervan centraal staat. De beplanting in de pronkstukken draagt bij aan de bevordering van een jaarronde dracht en de (bewustwording van) biodiversiteit in het gebied ten behoeve van de wilde bij en vele andere insecten in het gebied.
Voor het stedelijk gebied (in Haaksbergen) zien we vooral kansen op het gebied van educatie en recreatie in de vorm van bijvoorbeeld ‘stadslandbouw’. Ten slotte hebben we ook modellen ontwikkeld voor de boerenerven in het landelijk gebied. Deze modellen versterken niet alleen het karakteristieke erf, maar voegen hier een ‘nieuw jasje’ aan toe, in de vorm van nieuwe beplantingssoorten die bijdragen aan de biodiversiteit in het gebied.
Kortom is het rapport dat gemaakt is naar aanleiding van dit project “Versterking van de dracht en biodiversiteit ten behoeve van de (wilde) bij” een rapport dat door iedereen gelezen kan en moet worden. Hiermee hopen wij dat u als lezer zich zal inzetten voor het creëren van een landschap, tuin of erf met een diversiteit aan beplanting die zal bijdragen aan het voortbestaan van de (wilde) bij in heel Nederland!
Downloads:
» Analyserapport
» Eindrapport
» Brochure
De studenten die aan dit project hebben deelgenomen zijn:
Michiel van Boekel
Jelmar Brouwer
Sam Buitenhuis
Mark ter Hofte
Wendy Lenders
Gido van Lier
Paul Plambeck
Gilbert de Ronde
Versterking van de dracht en biodiversiteit t.b.v. de (wilde) bij


